Les 17 – Tijd

Les 17 – Tijd – makkelijke quiz

Overdag schijnt de zon en is het licht. In de nacht schijnt de maan.

Schijnt de zon in de nacht?

A. Ja, altijd
B. Nee, dan is het nacht
C. Alleen op vrijdag
D. Alleen in de winter

Als de zon weg is en de maan schijnt, noemen we dat nacht.

Is het in de nacht licht of donker?

A. Heel licht
B. Soms licht, soms dag
C. Donker
D. Altijd rood

De dagen van de week zijn: maandag, dinsdag, woensdag, donderdag, vrijdag, zaterdag, zondag.

Nu is het maandag, welke dag is morgen?

A. Dinsdag
B. Zondag
C. Donderdag
D. Vrijdag

Als vandaag maandag is, dan is gisteren de dag ervoor.

Nu is het maandag, welke dag was het gisteren?

A. Dinsdag
B. Donderdag
C. Zaterdag
D. Zondag

Het weekend heeft twee dagen: zaterdag en zondag.

Welke dag komt na zaterdag?

A. Vrijdag
B. Zondag
C. Maandag
D. Donderdag

Donderdag is bijna het einde van de schoolweek.

Welke dag komt voor donderdag?

A. Vrijdag
B. Zaterdag
C. Woensdag
D. Zondag

Om 7.00 uur is het vroeg, om 24.00 uur is het laat.

Wat is het tegenovergestelde van vroeg?

A. Zon
B. Dag
C. Licht
D. Laat

Als de zon schijnt, is het dag. Als de maan schijnt, is het nacht.

Wat is het tegenovergestelde van dag?

A. Zon
B. Nacht
C. Vandaag
D. Vroeg

Overdag is het licht. In de nacht is het …

Wat is het tegenovergestelde van licht?

A. Zon
B. Dag
C. Donker
D. Vandaag

Vandaag is het vrijdag. Gisteren was het donderdag.

Wat is het tegenovergestelde van vandaag?

A. Gisteren
B. Zon
C. Dag
D. Na
Score: 0 van 10